het leek er aanvankelijk op dat we wederom een vroeg broedseizoen zouden beleven. We hadden immers weer eens een zachte winter gehad, al waren gemiddeld gezien de nachttemperaturen gedurende een lange periode behoorlijk stabiel net iets onder of net iets boven de nul graden celcius. In de tweede helft van Maart begonnen dus diverse vogels enthousiast aan het broedseizoen, maar van eileg kwam het nog niet zo heel erg snel. De nachttemperaturen bleven laag en de weersomstandigheden overdag waren ronduit wisselvallig te noemen met af en toe 1 of 2 zonnige dagen met hogere temperaturen, maar ook terugval naar regenachtig, koud en guur weer. Op 31 Maart sloten we de maand zelfs af met een heuse voorjaarsstorm.... dat had ook in de bossen links en rechts gevolgen. Op de hoge veluwe bleef het beperkt tot enkele bomen, maar op de camping bleek de gehele voortent van de caravan ingestort te zijn en waren diverse spullen die ik in de voortent had uitgestald over het hele terrein heengewaaid. Door het overlijden van mijn oom heeft de boel een paar dagen zo moeten liggen. Gelukkig hebben medewerkers van camping Hooge Veluwe in ieder geval de weggewaaide spullen verzameld en teruggelegd.
Foto: de voortent van de caravan na de storm van 31 Maart 2015.
Op ons eigen vogelringterrein de Bree in Markelo waren er weer enkele oude wilgen omver gegaan. 1 joekel van een boom nam in zijn val 4 andere bomen mee en was zo hoog dat hij pal naast een nestkast staande de volgende nestkast in zijn val meenam, zie foto.
Foto: Gevolgen storm 31 Maart op de Bree.
Op de Hoge Veluwe loopt dit jaar een voeder-experiment. Een aantal uitgeselecteerde koolmezen krijgt in de nestkast extra voer aangeboden in een bakje dat in de 400 nestkasten is geplaatst. Dat kan tot leuke situaties leiden zoals onderstaande foto toont... Het voeren moet meteen in de nestbouwfase gestart worden en om de juiste vogels te kunnen identificeren (het moet wel een koolmees zijn die haar nest bouwt) worden de nestkasten waarin nestmateriaal is vastgesteld voorzien van een transponderreader die een van een transponder voorziene vogel kan identificeren. Dat houdt dus in dat er heel wat fietswerk verricht moet worden voor het steeds wisselend plaatsen en later weer weghalen van de apparatuur en gel-accu's.
Foto: wanneer is de volgende voedering?
Op 10 April zwommen de eerste kikkervisjes in één van de poelen in het park. Het betrof dan ook een poel die door zijn ligging veel zonlicht ving. Zie foto:
Op diezelfde datum signaleerden we de eerste 2 bonte vliegenvanger-mannetjes. De volgende dag waren het er al 5 en vandaag op de 12e April zagen we de eerste zekere vrouwtjes nadat ik op de 11e al het vermoeden had van eerste nestmateriaal van bonte vliegenvanger in een nestkast. En inmiddels gaat het hard met het arriveren van de zomergasten. Op de 9e April de eerste fitissen en een enkele zwartkop (in Goor al een week eerder). Verder werden vandaag in den lande al enkele kleine karekieten gevangen, werden enkele nachtegalen gemeld en werd de eerste koekoek gezien.
Foto: bloeiende bosanemoon op landgoed Het Weldam, Markelo.
Foto: Hoge Veluwe : eerste dagje naar het strand voor de rode bosmieren....
Foto: lunchbreak !
Posts tonen met het label bonte vliegenvanger.. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bonte vliegenvanger.. Alle posts tonen
zondag 12 april 2015
woensdag 10 september 2014
Vlieland :kleinschalige aankomst...
Het wordt saai, maar we hadden min of meer weer een herhaling van zetten. De wind in de zelfde onhandige hoek, weinig beweging op de vogeltrekradar en op de ringbaan.... Toch gaf het eerste rondje een sprankje hoop want er hingen ineens een paar kleine karekieten, rietzangers en een sprinkhaanzanger in de netten bij het geluid. Het zakte vanaf de derde ronde echter net zo hard weer in als de hele voorgaande week. Een grote groep spreeuwen hield zich enige tijd op in de struiken naast de netten en zorgden daarmee voor enige spanning. Maar goed, je komt dan weer in de situatie terecht dat je ronduit verbaasd bent dat al die bewegingen maar drie spreeuwen in de netten hebben opgeleverd waarvan er dan ook nog 2 ontsnappen voordat je er 1 uit het net hebt gehaald.... We hebben dus nog weer een aantal werkzaamheden aan de baan kunnen verrichten. Vanmorgen zaten er wel ineens weer leuke aantallen bonte vliegenvangers in de polder, we vingen er nog 7 van. Tijdens het sluiten van de netten sprong er precies op de plek waar gisteren de beflijster werd gevangen nog een sperwer-vrouw uit het net en we hebben nog kunnen genieten van een gigantische wolk wintertalingen die met zeker meer dan 10.000 tegelijk van hoog kantelend de landing inzetten op het Posthuyswad achter de 4e Kroonspolder. Wat een enorm imposant gezicht is dat toch altijd weer.... Met een enorme snelheid, als waren het steentjes, kantelen de eenden naar beneden. Een wonder dat ze nog op tijd weten af te remmen ook nog. Bij terugkomst op de Zwaluw nog een andere waarneming : een kwartel sprong op uit het zandige randje van het zandpad dat naar de zwaluw leidt. Niet zo'n gekke plek met die enorme vergrassing die zich hier heeft ontwikkeld.

Foto: licht aan het eind van de tunnel?
Dagtotalen (nieuw geringd / teruggevangen):
-------------------------------------------------------
Boompieper 1 / -
Zwartkop 3 / 2
Winterkoning - / 1
Tjiftjaf 3 / -
Heggenmus 3 / -
Fitis 4 / -
Roodborst 3 / -
Bonte Vliegenvanger 7 / -
Sprinkhaanzanger 1 / -
Spreeuw 1 / -
Rietzanger 4 / -
Vink 1 / -
Kleine Karekiet 5 / 1
Kneu 1 / -
Tuinfluiter 2 / 2
--------------------------------------------------------
Totaal: 45 exemplaren, 15 soorten, 6:45 uren.

Foto: licht aan het eind van de tunnel?
Dagtotalen (nieuw geringd / teruggevangen):
-------------------------------------------------------
Boompieper 1 / -
Zwartkop 3 / 2
Winterkoning - / 1
Tjiftjaf 3 / -
Heggenmus 3 / -
Fitis 4 / -
Roodborst 3 / -
Bonte Vliegenvanger 7 / -
Sprinkhaanzanger 1 / -
Spreeuw 1 / -
Rietzanger 4 / -
Vink 1 / -
Kleine Karekiet 5 / 1
Kneu 1 / -
Tuinfluiter 2 / 2
--------------------------------------------------------
Totaal: 45 exemplaren, 15 soorten, 6:45 uren.
woensdag 1 juli 2009
Het holenbroeders-broedseizoen loopt op z'n eind.
Zo, dat was me het seizoen wel zeg... Er is veel gebeurd en helaas was er totaal geen tijd meer over om de weblog bij te werken. Nu dus maar even een paar korte terugblikken.
Na de schouderblessure van April volgde de ziekte van Lyme in Mei. Het was al de derde keer dat ik deze bacteriële infectie heb opgelopen. Voor het eerst openbaarde Lyme zich bij mij echter middels de bekende rode cirkel van de ontsteking, de ertythema migrans. Ik merkte echter ook al wel dat ik in een paar dagen tijd 's avonds bovengemiddeld moe uit het veld terugkeerde in de caravan. het geheel resulteerde dus weer in een antibioticakuur die vervolgens je weerstand, maar ook je conditie totaal naar de kl**en helpt met als gevolg nog mee vermoeidheid. Ik heb dus wel kunnen doorwerken waarmee m'n werkgever ongetwijfeld blij mag en zal zijn, want bij veldbiologisch onderzoekswerk blijft het werk NIET liggen als je ziek bent, de vogels wachten niet op je. er zijn dit jaar (in ieder geval in het park de hoge Veluwe) enorm veel teken. Ik heb in juni 3 dagen meegemaakt waarop ik meer dan 100 teken (met als piek 150 stuks) van m'n broekspijpen kon verzamelen nadat ik door het hoge gras had gesjouwd. Desalniettemin resulteerde dat gepeuter toch wel iedere dag in minimaal 1 vastzittende teek per dag. Zo langzamerhand wordt het tijd om je af te vragen of dit nog wel verantwoord is. Het was overigens veelzeggend dat mijn huisarts op mijn vraag of er al een vaccin tegen Lyme op de markt was zijn armen strekte en zijn handen ten hemel hief met op zijn gezicht een groot vraagteken.

Foto: Erythema migrans, de Lyme-onsteking op m'n onderbeen.
Vervolgens was het begin Juni nog een keer raak met een splinter in m'n hoofd. Ook al zoiets waarvan je je in het veld al een tijd afvraagt 'wanneer overkomt mij dit eens?' Ik moest om bij een nestkast te komen onder een doorhangende tak van een linde doorkruipen. Dat bleek dus een tak te zijn die al eens door een passerende landbouwwagen was afgerukt, hetgeen resulteerde in een scherpe priemende punt die je door de nieuw uitgelopen takjes niet meer kon zien. En die scherpe punt moest nu precies over mijn hoofd schampen waarbij hij uiteindelijk een ingang wist te vinden in m'n hoofdhuid en vervolgens afbrak. tja, daar sta je dan, in een bos ver buiten Goor en nog veel werk op het programma. Gelukkig bloedde het (nog) niet en ik besloot om er maar net aan te komen want als je er aan gaat peuteren begint het juist te bloeden. Dus gewoon die dag doorgewerkt met een houten kop. Hanneke heeft 's avonds nog geprobeerd de splinter te verwijderen, maar iuiteindelijk resulteerde het toch weer in een derde bezoek aan de huisarts in 2 maand tijd; zo zie je hem nooit en zo...
O.k. dat was het nieuws van het medische front, terug naar de vogels..
De mezen hebben in de meeste gevallen goede broedresultaten gehad, maar het was wel duidelijk een kenmerkend 'klimaatjaar'. De vogels die het vroegst getimed hadden piekten precies met de rupsenpiek, maar op de gehele populatie was dit maar een beperkt deel. Op het moment dat de grootste cohort mezen de grootste voedselbehoefte voor hun jongen had was het met de rupsenpiek al gedaan. Echter.... er trad dit jaar een werkelijk verbluffende en indrukwekkende 2e rupsenpiek op met gigantische aantallen rupsen, vooral verschillende soorten spanners. zowel op de hoge Veluwe als in Twente waren hele bosvakken vrijwel compleet van bladeren ontdaan. In één deel van het nestkastengebied op de hoge Veluwe waren niet alleen de eiken kaal, maar ook de ondergroei van krent en bosbes was compleet gestript door de rupsen. Op een klein struikje van zaailingen van krentenboompjes van een meter hoog telde ik in korte tijd 14 soorten spanners. Nadat ik op die plek klaar was met het meten en wegen van de jonge koolmezen in één nestkast zaten m'n fiets en fietstassen vol met honderden rupsen. Ook hebben we in dat bosvak een voor Nederland zeldzame vlindersoort op bosbesstruikjes gezien, de speerpuntspanner /Rheumaptera Hastata.
deze 2e rupsenpiek heeft er ook to geleid dat er voor het eerst sinds jaren een topaantal 2e broedsels gestart werden. Tot op deze dag zitten er nog steeds een tiental nesten van koolmezen, en pimpels op de hoge Veluwe en moeten er nog 4 nesten met bonte vliegenvangers uitvliegen waarvan de laatste 2 paar nu jongen van een week oud hebben. In de 10 broedseizoenen dat ik er inmiddels werk heb ik nog maar 1 keer een 2e broedsel van pimpels vast kunnen stellen en dit jaar waren er 4 ; echt uniek dus.
De meeste mezensoorten hadden (wegens kleinepopulatie-omvang bij aanvang broedseizoen) voor grote legsels gekozen. zo ook de zwarte mees en de boomklever. Bij de zwarte mees was een legselgrootte van 10 eieren redelijk normaal te noemen en bijna al deze broedsels waren dusdanig succesvol dat de zwarte mezen in ALLE gevallen af zagen van een 2e broedsel. Een 2e broedsel is juist bij zwarte mezen eerder regel dan uitzondering, maar dit jaar dus niet. Er was overigens wel een minimum aantal broedparen van de zwarte mees, op de Hoge Veluwe slechts 4 paar in nestkasten broedend.
ook bij de boomklever grote broedsels; in Goor een broedsel met zelfs 11 eieren die allemaal uitkwamen en waarbij alle 11 jonge vogels ook daadwerkelijk uitvlogen. Wat moeten die ouders het druk hebben gehad. Ook het aantal broedparen van de boomklevers was beduidend minder dan we de laatste paar jaren gewend waren, maar dankzij het gebruik van kleurringen voor het RAS-project boomklever waar ik vorig broedseizoen mee ben gestart heb ik toch nog een heel stel extra adulten kunnen aflezen die in natuurlijke holtes hebben gebroed en niet in nestkasten.
De bonte vliegenvanger maakt helemaal een extreem seizoen mee... zoals al eerder gemeld, de vroegste aankomstdatum ooit geregistreerd op de hoge veluwe, de vroegste 1e eileg ooit, maar ook nog heel late aankomst van adulte vogels en heel late broedsels. Het is een zeer interessante vraag of die vroege adulten ook vroeger dan normaal weer in zuidelijke richting vertrekken of dat ze net zo lang blijven hangen dan in andere seizoenen. de eerste resultaten van zenderwerk bij grutto's wijzen uit dat vogels die een verloren broedseizoen hebben al veel eerder vertrekken, maar hier hebben we het over succesvolle vogels.
Zo, even weer genoeg, binnenkort meer terugblikken op het broedseizoen, er is nog veel te vertellen.

Maak kennis met 'Flappie'. Één van de reekalfjes die ik dit seizoen tegen het lijf liep. Dit exemplaar had hangende oortjes hetgeen hem van afstand in het veld het uiterlijk van een puppie gaf.
Na de schouderblessure van April volgde de ziekte van Lyme in Mei. Het was al de derde keer dat ik deze bacteriële infectie heb opgelopen. Voor het eerst openbaarde Lyme zich bij mij echter middels de bekende rode cirkel van de ontsteking, de ertythema migrans. Ik merkte echter ook al wel dat ik in een paar dagen tijd 's avonds bovengemiddeld moe uit het veld terugkeerde in de caravan. het geheel resulteerde dus weer in een antibioticakuur die vervolgens je weerstand, maar ook je conditie totaal naar de kl**en helpt met als gevolg nog mee vermoeidheid. Ik heb dus wel kunnen doorwerken waarmee m'n werkgever ongetwijfeld blij mag en zal zijn, want bij veldbiologisch onderzoekswerk blijft het werk NIET liggen als je ziek bent, de vogels wachten niet op je. er zijn dit jaar (in ieder geval in het park de hoge Veluwe) enorm veel teken. Ik heb in juni 3 dagen meegemaakt waarop ik meer dan 100 teken (met als piek 150 stuks) van m'n broekspijpen kon verzamelen nadat ik door het hoge gras had gesjouwd. Desalniettemin resulteerde dat gepeuter toch wel iedere dag in minimaal 1 vastzittende teek per dag. Zo langzamerhand wordt het tijd om je af te vragen of dit nog wel verantwoord is. Het was overigens veelzeggend dat mijn huisarts op mijn vraag of er al een vaccin tegen Lyme op de markt was zijn armen strekte en zijn handen ten hemel hief met op zijn gezicht een groot vraagteken.
Foto: Erythema migrans, de Lyme-onsteking op m'n onderbeen.
Vervolgens was het begin Juni nog een keer raak met een splinter in m'n hoofd. Ook al zoiets waarvan je je in het veld al een tijd afvraagt 'wanneer overkomt mij dit eens?' Ik moest om bij een nestkast te komen onder een doorhangende tak van een linde doorkruipen. Dat bleek dus een tak te zijn die al eens door een passerende landbouwwagen was afgerukt, hetgeen resulteerde in een scherpe priemende punt die je door de nieuw uitgelopen takjes niet meer kon zien. En die scherpe punt moest nu precies over mijn hoofd schampen waarbij hij uiteindelijk een ingang wist te vinden in m'n hoofdhuid en vervolgens afbrak. tja, daar sta je dan, in een bos ver buiten Goor en nog veel werk op het programma. Gelukkig bloedde het (nog) niet en ik besloot om er maar net aan te komen want als je er aan gaat peuteren begint het juist te bloeden. Dus gewoon die dag doorgewerkt met een houten kop. Hanneke heeft 's avonds nog geprobeerd de splinter te verwijderen, maar iuiteindelijk resulteerde het toch weer in een derde bezoek aan de huisarts in 2 maand tijd; zo zie je hem nooit en zo...
O.k. dat was het nieuws van het medische front, terug naar de vogels..
De mezen hebben in de meeste gevallen goede broedresultaten gehad, maar het was wel duidelijk een kenmerkend 'klimaatjaar'. De vogels die het vroegst getimed hadden piekten precies met de rupsenpiek, maar op de gehele populatie was dit maar een beperkt deel. Op het moment dat de grootste cohort mezen de grootste voedselbehoefte voor hun jongen had was het met de rupsenpiek al gedaan. Echter.... er trad dit jaar een werkelijk verbluffende en indrukwekkende 2e rupsenpiek op met gigantische aantallen rupsen, vooral verschillende soorten spanners. zowel op de hoge Veluwe als in Twente waren hele bosvakken vrijwel compleet van bladeren ontdaan. In één deel van het nestkastengebied op de hoge Veluwe waren niet alleen de eiken kaal, maar ook de ondergroei van krent en bosbes was compleet gestript door de rupsen. Op een klein struikje van zaailingen van krentenboompjes van een meter hoog telde ik in korte tijd 14 soorten spanners. Nadat ik op die plek klaar was met het meten en wegen van de jonge koolmezen in één nestkast zaten m'n fiets en fietstassen vol met honderden rupsen. Ook hebben we in dat bosvak een voor Nederland zeldzame vlindersoort op bosbesstruikjes gezien, de speerpuntspanner /Rheumaptera Hastata.
deze 2e rupsenpiek heeft er ook to geleid dat er voor het eerst sinds jaren een topaantal 2e broedsels gestart werden. Tot op deze dag zitten er nog steeds een tiental nesten van koolmezen, en pimpels op de hoge Veluwe en moeten er nog 4 nesten met bonte vliegenvangers uitvliegen waarvan de laatste 2 paar nu jongen van een week oud hebben. In de 10 broedseizoenen dat ik er inmiddels werk heb ik nog maar 1 keer een 2e broedsel van pimpels vast kunnen stellen en dit jaar waren er 4 ; echt uniek dus.
De meeste mezensoorten hadden (wegens kleinepopulatie-omvang bij aanvang broedseizoen) voor grote legsels gekozen. zo ook de zwarte mees en de boomklever. Bij de zwarte mees was een legselgrootte van 10 eieren redelijk normaal te noemen en bijna al deze broedsels waren dusdanig succesvol dat de zwarte mezen in ALLE gevallen af zagen van een 2e broedsel. Een 2e broedsel is juist bij zwarte mezen eerder regel dan uitzondering, maar dit jaar dus niet. Er was overigens wel een minimum aantal broedparen van de zwarte mees, op de Hoge Veluwe slechts 4 paar in nestkasten broedend.
ook bij de boomklever grote broedsels; in Goor een broedsel met zelfs 11 eieren die allemaal uitkwamen en waarbij alle 11 jonge vogels ook daadwerkelijk uitvlogen. Wat moeten die ouders het druk hebben gehad. Ook het aantal broedparen van de boomklevers was beduidend minder dan we de laatste paar jaren gewend waren, maar dankzij het gebruik van kleurringen voor het RAS-project boomklever waar ik vorig broedseizoen mee ben gestart heb ik toch nog een heel stel extra adulten kunnen aflezen die in natuurlijke holtes hebben gebroed en niet in nestkasten.
De bonte vliegenvanger maakt helemaal een extreem seizoen mee... zoals al eerder gemeld, de vroegste aankomstdatum ooit geregistreerd op de hoge veluwe, de vroegste 1e eileg ooit, maar ook nog heel late aankomst van adulte vogels en heel late broedsels. Het is een zeer interessante vraag of die vroege adulten ook vroeger dan normaal weer in zuidelijke richting vertrekken of dat ze net zo lang blijven hangen dan in andere seizoenen. de eerste resultaten van zenderwerk bij grutto's wijzen uit dat vogels die een verloren broedseizoen hebben al veel eerder vertrekken, maar hier hebben we het over succesvolle vogels.
Zo, even weer genoeg, binnenkort meer terugblikken op het broedseizoen, er is nog veel te vertellen.
Maak kennis met 'Flappie'. Één van de reekalfjes die ik dit seizoen tegen het lijf liep. Dit exemplaar had hangende oortjes hetgeen hem van afstand in het veld het uiterlijk van een puppie gaf.
Abonneren op:
Posts (Atom)




