zondag 5 juni 2011

Vangsessie project Ringmus-Goor.

Vanochtend hebben we in Goor weer een vangsessie gedaan voor het nieuwe project van het vogeltrekstation: ringmus. Er zou in de loop van de dag kans op regen zijn, maar tegen die tijd zouden we de verplichte minimaal 6 uur vangen er al wel op hebben zitten. Maar wat schetste mijn verbazing bij de eerste controleronde van de twee netten in de tuin? Juist ja, regen! Het begon heel lichtjes maar ging nadat ik de eerste vogel van de ochtend (een reeds geringde merel) uit het net had gehaald regende het al gestaag en ging het flink harder. De vogels reageerden er meteen op door te stoppen met vliegen. Omdat je 2 netten snel dicht kunt gooien als het toch te gek wordt besloot ik om af te wachten hoe het verloop van de regen zich zou ontwikkelen. De buienradar zag er ook positief uit. Na een half uurtje werd het inderdaad droog en meteen daarna kwamen de vogels in beweging. Vanuit de over de tuin hangende eikentakken druppelden één voor één groenlingen naar beneden en over de schuttingen kwamen de huismussen de tuin binnenvallen. Het is bij deze beide soorten ronduit verbluffend om te zien hoe ze met de meest fantastische capriolen de netten toch nog weten te ontwijken en hoe de meeste van de uiteindelijk gevangen vogels pas in de netten belanden nadat ze op de voerplaats zijn uitgegeten. Hun aandacht lijkt dan te zijn afgezwakt. En zo kon er dus kort na het eindigen van de regen een rondje worden gemaakt met maar liefst 24 vogels. Daarbij vooral groenlingen en huismussen maar ook twee koolmezen waarvan er één geringd bleek te zijn tijdens de mezentrek van Oktober 2010. Toen noteerde ik als extra opmerking dat de vogel een medium bleek verenkleed had. Dat had ie nu ook nog en we mogen veronderstellen dat deze vogel hier in de wijk zal hebben gebroed. Niet iedere Nederlandse mees is dus een fel geel gekleurde mees, maar iedere bleke mees is ook geen oostelijke mees....
Tussen de vogels ook een tjiftjaf, een vrouwtje met een duidelijke broedplek. Even later zie ik vlak voor het kamerraam een andere tjiftjaf verwoede pogingen doen om het mistnet te passeren. Wel drie maal vliegt hij tegen het net, maar bij de vierde poging weet hij onder het net door te komen en met het voer nog steeds in de snavel duikt hij het perkje met brandnetels en dichte klimop in. Daar zal het nestje met jongen dus wel ergens zitten.

Foto: Huismus vrouw met kleurringen voor het project ringmus.

Nadat de laatste vogel van de succesvolle ronde is weggewerkt blijkt er al weer een vergelijkbare hoeveelheid vogels in de twee netten te hangen en kan er meteen weer gewerkt worden. Na die tweede volle ronde druppelt het nog een tijdje door met enkele losse individuen waaronder een jong kauwtje dat door Hanneke al een paar dagen in de tuin rondscharrelend is gezien. Als ik hem/haar uit het net haal hangt del ucht in korte tijd vol met luid krijsende familieleden en soortgenoten die al snel in de gaten hebben wat er gaande is. om 11:30 uur hebben we totaal geen vangsten meer en zitten er 6,5 uren van vangen op. We maken voor vanochtend de volgende totaalstand op:

Soort Nieuw geringd / Teruggevangen:
---------------------------------------------
Merel - /1
Koolmees 1 / 2
Groenling 14 / 8
Tjiftjaf 1 / -
Huismus 28 / 2
Heggenmus 2 / -
Kauw 1 / -
---------------------------------------------
Totaal : 47 nieuw geringd en 13 teruggevangen

Daarna zijn we op pad geweest om op het erf van Ed Romeijn het enigst resterende steenuil-jong te ringen dat nog in leven is nadat vorige week het vrouwtje op de weg van Goor naar Enter verongelukt is. Ed had nog overwogen om het mannetje te helpen met het voeren van de 3 jongen in de kast, maar het mannetje had zelf hierin al een besluit genomen en 2 van de 3 jonge uiltjes wegens gebrek aan voedsel opgevoerd aan het (waarschijnlijk) oudste jong. Dat lijkt wreed maar op die manier weet de man toch zeer waarschijnlijk in ieder geval nog 1 jong in leven te houden. Het jong verkeerde in blakende conditie en woog op een leeftijd van 25 dagen 146 gram.

Vervolgens nog doorgereden naar Diepenheim alwaar we nog een paar kasten met jonge bonte vliegenvangers op één van de terreinen van IVN-Diepenheim probeerden te ringen. We hadden van Gerrit Meutstege een lijstje met 10 broedsels gekregen, maar wisten er maar 2 te ringen. Van die 2 was er zelfs nog één een toegift doordat we jongen hoorden piepen in een kast die niet o pde lijst vermeld stond. Bij de andere broedsels bleken er al 4 te zijn uitgevlogen en helaas, helaas, 5 andere nesten bleken gepredeerd door boom- of steenmarter. Alle jongen waren daar veelal samen met het nestmateriaal uit de kast getrokken. Dan zijn we daarna nog maar even naar het Aspotterveld gereden en hebben daar nog 3 nestjes met jonge kunnen ringen en van 2 van deze 3 kasten de ouders kunnen vangen en ringen. We hebben op de terreinen van het NIVON nu nog een 15-tal broedsels van bonte vliegenvangers zitten die we volgend weekend kunnen ringen en waar we voor het RAS-project de ouders zullen pogen te vangen. Over de totaalresultaten van dat project zal ik komende week meer schrijven.

woensdag 11 mei 2011

Jonge mezen ringen.

We zitten inmiddels midden in de drukste dagen met het vangen van de ouders op de dag dat de jongen 7 dagen oud zijn. In driekwart van de nestkasten zijn de eieren van de mezen inmiddels uitgekomen en drie dagen geleden zijn de eerste bonte vliegenvangers zelfs al geboren. We verrichten dat vangwerk op die 7e levensdag omdat dat de eerste dag is waarop de jongen groot genoeg zijn om geringd te worden en dat kunnen we dan combineren met het vangen, meten, ringen en kleurringen van de ouders. Bij die ouders is bij de koolmees tijdens het aflezen van kleurringen in en nabij de nestkasten al wel gebleken dat we heel veel nieuwe recruten in het onderzoeksterrein hebben zitten. Dat wil zeggen, zeker 70 % ongeringde vogels. Vanwege het feit dat we alle in de nestkasten broedende en slapende vogels ringen en kleurringen mogen we daarbij de conclusie trekken dat het merendeel van die vogels van buiten het onderzoeksterrein komen. Een beperkt deel zal wel uit hetzelfde terrein komen, uit de natuurlijke holtes in het terrein. Duidelijk is in ieder geval dat er afgelopen najaar/winter veel dispersie en wintersterfte is geweest. Tijdens de avondcontroles werden ook al historisch lage aantallen slapende vogels aangetroffen.
Wat dan tijdens het monitoren van de populatie wel weer heel mooi te zien is dat is het feit dat het lagere aantal broedparen kiest voor grote legsels waardoor het verlies aan vogels toch flink gecompenseerd wordt. Zo hebben we bij de koolmezen heel veel legsels van 12 en soms wel 13 of 14 eieren zitten en heeft 1 van de 2 broedparen van de zwarte mees een historisch groot legsel van maar liefst 12 eieren. Zo'n groot legsel heb ik bij die soort in ieder geval nog nooit meegemaakt.
Een ander opmerkleijk fenomeen troffen we afgelopen weekend thuis aan in een nest van een bonte vliegenvanger. Daar lag een legsel in van totaal witte eieren. Het ontbreken van pigment op eieren duidt op een gebrek, vaak treedt dit ook op bij kalkgebrek waarbij in het lichtste geval pigment ontbreekt en in het hevigste geval de hele kalkschaal ontbreekt.

Foto: legsel bonte vliegenvanger met witte eieren.

De droogte van dit voorjaar is inmiddels nog steeds niet achter de rug, hoewel we gisteren een middagje met buien hebben meegemaakt. Dit was voor mij pas de tweede keer dat ik regendruppels voelde sinds mijn terugkeer uit Ghana. In het veld heeft deze droogte op veel plaatsen zijn sporen flink nagelaten. Naast diverse bos- en duinbranden in heel het land hebben planten, struiken en bomen er flink van te lijden. Zowel op de Veluwe als in Twente lieten de hulststruiken in de bossen een deel van de bladeren al vallen en uit pure nood zijn veel bomen en struiken heftiger dan ooit gaan bloesemen en bloeien en dat ook nog eens extra vroeg.
De koude nachen van afgelopen week in combinatie met warme dagen en veel bezoekers in het park (het was Meivakantie) heeft echter ook slachtoffers gemaakt, en wel onder de reptielen. In 2 dagen tijd trof ik maar liefst 6 doodgereden hazelwormen en 3 zandhagedissen aan. Deze koudbloedige dieren gaan na een koude nacht op het asfalt liggen om warmte op te vangen om actief te kunnen worden. Dat wordt veel dieren fataal.

Foto: doodgereden zandhagedis.

zondag 24 april 2011

De fluiters zijn gearriveerd.

Er zijn alweer ween paar weken verstreken sinds m'n laatste post en de reden laat zich raden: de voorjaarsdrukte met het nestkast-onderzoek is los gebarsten. Ondertussen hebben we ook nog het 50 jarig huwelijk van m'n ouders mogen vieren. Indrukwekkend hoor, al een halve eeuw bij elkaar.
We hebben dat weekend verder doorgebracht met het nog snel even afsteken van een steilwand voor oeverzwaluwen en controleren van nestkasten (de spreeuwen zijn inmiddels ook met broeden begonnen).

Foto: afsteken van een oeverzwaluwwand in Markelo.

Volgens planning was het ook het weekend dat de eerste jonge grote gele kwikstaarten geringd konden worden, maar dat werd net als vorig jaar weer een forse tegenvaller. Het nest bleek wederom leeggeroofd door een volierehouder; de voetafdrukken stonden nog op het talud bij het nest.. Het moet niet gekker worden in Nederland, je kunt verd#%@* inmiddels niet eens meer onderzoeks-/beschermingswerk aan minder algemene vogels doen. Bij de spreeuwen treedt dit jaar weer het effect op dat ze beginnen te broeden vanaf het 3e of 4e ei. In meerdere spreeuwennesten troffen we tevens vlekjes op de eieren aan, veroorzaakt door poep van vlooien op de broedende vogel.

Foto: zes-legsel van spreeuw met vlooienpoep op de eischalen.

De vogels op m'n eigen nestkastenterrein zijn voor een groot deel al bijna een week onderweg met het broeden; en dat terwijl ze op het terrein van Hanneke, de Hoch op de Borkeld nog aan het leggen zijn. Slechts enkele kasten hadden daar bebroede legsels. We zagen daar ook onze eerste levendbarende hagedissen tussen het kreupelhout wegsnellen. Het werk om het bos om te vormen tot heide ligt hier overigens na het uitslepen van het hout en versnipperen van een deel van het takhout nog steeds stil, voor het derde jaar nu al, een zeer ergerlijke situatie en ronduit wanbeleid te noemen want in de verstrijkende jaren verdwijnen soorten. Zo zien we sinds de houtkap amper nog levendbarende hagedissen die hier toch voorkwamen.
Zondagochtend zijn we op de Hoge Veluwe weer aan de slag gegaan en daarbij merkten we direct achter de poort dat de eerste fluiters waren gearriveerd. Op meerder plaatsen in het nestkastengebied hoorden we de zeer herkenbare zang met dat mooie scheidsrechtersfluitje. Inmiddels heb ik al 9 territoria op kaart staan.

dinsdag 19 april 2011

legpauzes.

Onder stralende weersomstandigheden heb ik vandaag het derde terreindeel voor de derde maal kunnen controleren. In tegenstelling tot voorgaande 2 dagen trof ik vandaag ineens meerdere kasten aan waarin de eileg tijdelijk was onderbroken, kortom : legpauze! Legpauzes worden meestal veroorzaakt door koude nachten en kunnen ook heel lokaal optreden zoals ik vandaag dus heb kunnen constateren. Het betrof in alle gevallen legsels van pimpels en in de meeste gevallen slechts 1 eidag verschil (tot nu toe...) en in enkele gevallen 2 eidagen verschil. De temperaturen mogen momenteel overdag dan wel de 20 graden celcius overstijgen, 's nachts is het nog een heel ander verhaal met temperaturen amper boven het nulpunt. In het gebied van vandaag zijn inmiddels 64 kasten in gebruik en dat is op 92 kasten al 70%. In 24 kasten liggen eieren van koolmezen, in 21 kasten eieren van pimpels.
En vandaag trof ik de tweede nestkast met een ei van een bonte vliegenvanger. En net als bij het allereerste ei is ook dit tweede geval het vroegste ooit ten aanzien van de tijd tussen de start van eileg van het eerste en het tweede paar.
Ik ben vandaag na de controleronde ook begonnen met het invoeren van gegevens in de computer, en daarbij heb ik vanuit de caravan uitzicht op een vijvertje onder de struiken. Dat vijvertje is met het huidige warme weer enorm in trek en in een uur tijd bezochten al 11 soorten het vijvertje om water te drinken maar vooral om te badderen. Daarbij de gebruikelijke bosvogels: koolmees, pimpel, merel, zanglijster, zwartkop, boomklever, winterkoning, zanglijster, vink, tjiftjaf en roodborst. Daar zullen de komende weken vast nog wel een paar leuke soorten bijkomen. Bij de merel die in de taxus achter de vijver broedt zijn vandaag de eieren uitgekomen, in het nest lagen vanmiddag 2 jongen van 0 dagen oud en nog 1 ei.

Foto: leve de waslijn !

maandag 18 april 2011

Eerste hazelworm waargenomen.

Een dag waarop eigenlijk weinig opmerkelijks gebeurde. Vandaag ben ik eerst maar eens begonnen met het opbouwen van de voortent van de kantoorcaravan in het park, dat moest er nu dan toch maar eens van komen... Daarna is door collega Louis de pc geïnstalleerd, dus vanaf morgen kan ik met de administratie van de verzamelde gegevens beginnen.
Tijdens de controle van vandaag trof ik in een fijnsparrenvak een dode hazelworm aan. Hij moet er al een paar dagen hebben gelegen want hij was al aan het indrogen. Het meest opmerkelijke was echter dat het eigenlijk maar een halve hazelworm was want het achterlijf was verdwenen. Het zal dan ook wel een prooi zijn van één of ander dier, maar welke? Nog geen kwartier later zag ik een levende hazelworm, die was net bezig het pad langs het Aalderinksveld over te kruipen.
Ondertussen zag collega Ivan vandaag een dagactieve bosuil die van de grond opsprong met waarschijnlijk een prooi in de poten. De vogel werd gezien in hetzelfde bosdeel waar ik drie jaar geleden ook al een bosuil overdag een merelnest zag plunderen; wellicht gaat het om dezelfde vogel. Bosuilen worden vooral dagactief in jaren waarin er maar weinig muizen zijn en daarvan heb ik zeker hier in het bos de indruk dat dat het geval is.
De bezetting van de kasten in het terrein van vandaag kwam uiteindelijk uit op 55%, van de 73 kasten waren er 40 in gebruik. Daarbij 14 legsels van koolmees met als grootste legsel (en nog niet eens aan het broeden) 10 eieren. Verder 5 legsels van pimpels en 1 van zwarte mezen. De boomklever ontbreekt in de kasten van dit gebied.
Ook het aantal wespenkoninginnen dat in de nestkasten actief is om nesten aan de binnenkant van de deksels te bouwen is snel aan het toenemen; vandaag trof ik er al 14 aan. Oh ja, de esdoorns laten inmiddels de bloeisels al vallen.

zondag 17 april 2011

Het eerste ei van bonte vliegenvanger !

Allereerst zijn excuses op z'n plaats voor het niet eerder plaatsen van dit bericht; de internetverbinding op de camping is zwak en lag er gisteravond laat geheel uit.
Vandaag, de 17e April was het inderdaad zover. Het was voorspeld en precies een week nadat ik de eerste nestbouw van een bonte vliegenvanger constateerde trof ik vandaag in dezelfde nestkast het eerste ei aan. Dat is voor het onderzoeksterrein op de Hoge Veluwe een absoluut nieuw record want de vorige vroegste datum stond op 21 April (2009).
En de kast waarin het ei werd aangetroffen was nog niet eens op de plek waar de allereerste man werd gezien. De man op die locatie heeft er gewoon langer over gedaan om een vrouw in zijn habitat te krijgen die de nestlocatie accepteerde. Desalniettemin was op die locatie vandaag het nest ook helemaal afgebouwd en kan daar maar zo morgen een eerste ei liggen. Er zullen de komende paar dagen nog wel enkele vroege starters bijkomen voordat de grote meute aan het leggen begint. Ivan heeft inmiddels een kaart gemaakt van alle locaties waar meerdere dagen achtereen zingende mannen zijn gezien, er staan er al 100 op, en dat zijn er al meer dan we de laatste jaren hier hebben gehad. Dezelfde conclusie trokken we thuis op de Borkeld ook al; het is alleen nog afwachten in hoeveel broedparen het zal resulteren, dat aantal zal iets lager uitvallen tenzij nog niet alles binnen is.

Foto: eerste ei van bonte vliegenvanger.

Verder zijn er afgelopen week in dit gebied toch nog steeds mezen met nestbouw begonnen en is de groep die begon aan de eileg nog weer fors toegenomen. In gebied 1 dat ik vandaag gecontroleerd heb lagen in de 129 kasten inmiddels 35 legsels van koolmezen, 19 legsels van pimpel en 4 van boomklever. Bij zowel de koolmees- als pimpellegsels ook de eerste die is begonnen met broeden. De koolmees zelfs op 12 eieren. De pimpel houdt het vooralsnog bij 10 eieren, maar met de ervaring van de afgelopen jaren in het achterhoofd kan het maar zo zijn dat daar nog een paar eitjes bijkomen. De boomkleverlegsels hebben een gemiddelde van broedselgrootte van 8, daarbij 1 broedsel van 9 eieren.
De bezettingsgraad van de nestkasten in dit gebied ligt met 93 van de 129 kasten bezet op 72% en daar komen nog aanzienlijke aantallen bonte vliegenvangers bij.
Het paartje mandarijneenden dat zich inmiddels bij de vijvers ophoudt blijkt ongeringd te zijn. Het is dus een totaal ander paar dan hier vorig jaar zat, want daarvan hadden beide individuen een ring. In de buurt van de vijvers trof ik ook nog een plek met de resten van een opgevreten buizerd. Deze tweedejaars vogel was opgevreten door een zoogdier hetgeen aan de afgebeten veren en resten huid was te zien. Het moet wel een flink verzwakt exemplaar zijn geweest als ie door een vos of marterachtige zal zijn gegrepen. Daarbij ligt een marterachtige het meest voor de hand want vossen zijn hier vanwege het uitzet-project korhoen uitgestorven te noemen.

woensdag 13 april 2011

Eileg mezen nu flink gestart!

De laatste controledag voor de tweede ronde op de Hoge Veluwe. Het grootste controlegebied waarvan een aanzienlijk deel naaldhout-productiebos is met zeer lage habitatwaarde. Toch was vandaag vooral merkbaar dat de grootste cohort van de mezen de afgelopen dagen toch echt is begonnen met de eileg. Ik trof heel wat legsels aan met 1 of 2 eieren. In totaal in 141 gecontroleerde kasten 25 legsels van koolmees met als grootste legsel tot nu toe 7 eieren. Bij de pimpels 15 legsels met als grootste legsel tot nu toe eveneens 7 eieren. In de nestkast die bij het loket bij de entree van het park hangt vindt dit jaar trendbreuk plaats; in de voorgaande 10 jaar dat ik hier werkte zaten er ieder jaar pimpels in die nestkast, nu lag er 1 ei van een koolmees in het nest dat er overigens wel erg als een pimpelnest uit zag. Wellicht is de strijd om deze kast nog niet helemaal gestreden want er zat nog wel een pimpel te alarmeren op het moment dat ik de kast controleerde. Die kan echter ook verhuisd zijn naar het gat in het smeedijzeren Jugendstil toegangshek want daar heeft ook al meermalen een pimpelnest ingezeten. Het aantal boomklevers valt dit jaar tegen, vooral in het vandaag gecontroleerde gebied want daar zitten normaal gesproken de meeste paren. Dit jaar hebben we er maar 2 die voor een nestkast gekozen hebben. Op in ieder geval 2 plaatsen weet ik dat er boomklevers in een natuurlijke holte broeden pal boven de nestkast. De raven hebben inmiddels al jongen te voeren want vandaag zag ik 4 maal een raaf over komen vliegen met de krop overduidelijk vol met voedsel. Verder ontdekte ik dankzij een windvlaag die de staart opwipte dat de heel oude havikhorst in het terrein dit jaar na 5 jaar weer bezet is. De vrouw zit heel diep in de kom en zoals gezegd, ik zag haar aanwezigheid pas door de staart. Vandaag nog weer 1 kast met iets nestmateriaal van bonte vliegenvanger aangetroffen. Ook in dit gebied viel vandaag op dat er echt al wel heel veel mannen in het terrein aanwezig zijn. Je ziet ze nu ook al in de naaldhoutvakken op plekken die normaal gesproken geen bonte vliegenvangers herbergen. Dat kan nog wat worden... De totale bezetting van de kasten van vandaag is 60%, 85 van de 141 kasten zijn inmiddels in gebruik.